|
In de loop van de jaren hebben de verschillende vormen van do
(judo, aikido, karate-do) zich verspreid door de Westerse wereld. De volgelingen
gingen stages volgen in Japan en lieten Japanse meesters overkomen naar het Westen. Daar er in het
programma van de hogere gordels van sommige do-vormen men nog steeds een beetje jiu jitsu terugvind,
kwam de Westerse wereld hiermee in kontakt. Men kreeg interesse in deze onbekende gevechtskunst en jiu
jitsu werd zo stilaan verspreid. Men zag in dat het een volwaardige techniek was en men begon stilaan
clubs op te richten.
|
Figuur 1 : De basis principes van jiu jitsu
- Steeds naar de ogen van de tegenstander kijken.
- Techniek is belangrijker dan kracht.
- Steeds in beweging blijven, soepel en gewoon.
- De innerlijke kracht moet van de ki komen.
- Het zwaartepunt moet steeds laag zijn.
- Steeds de zijkant van de tegenstander benutten en hem uit evenwicht brengen.
|
|
|
Het is in een van deze clubs dat een zekere Albert Pieters in 1938 jiu jitsu begon te volgen.
Niemand wist toen dat deze man aan de oorsprong zou liggen van ontelbare clubs over heel de wereld en in
1990 zijn 10e dan zou behalen na 52 jaar in dienst van de jiu jitsu te hebben gewerkt.
In de club van Prof Pieters kwamen o.a. Willy Van Dessel en Hugo Bleys trainen. Willy Van Dessel was een
zeeman en vertrok dus regelmatig voor enkele maanden op reis. Tijdens een van deze reizen kwam hij
Jean-Jacques Portugaels tegen en nam hem aan als leerling. Ze trainden op de boot, gingen op bezoek in de
buitenlandse clubs tijdens het aanleggen en gingen bij Prof Pieters trainen als ze in België waren.
In die tijd bestond er een judo club in Neder Over Heembeek waar William Beck trainde als bruine gordel.
Wegens onenigheid tussen de veschillende zwarte gordels van de club, kwam deze zonder leraars te staan. Daar
William Beck en Jean-Jacques Portugaels elkaar kenden sinds hun jeugd en dat Jean-Jacques Portugaels een
jiu jitsu club wou stichten te Neder Over Heembeek, werd de oplossing voor beide vlug gevonden.
De Jiu-Jitsu Club N-O-H was ontstaan.
In de loop van zijn bestaan heeft de club verschillende sensei's gehad. Er was eerst Jean-Jacques Portugaels, 1e Dan, die ons de basis en de geest van de jiu jitsu aanleerde. Dan volgde Willy
Van Dessel, 4e Dan, die ons zijn kennis overbracht. Daarna kwam Hugo Bleys, 5e Dan, die langzaamaan de
fakkel van Prof Pieters overnam en die de vorming van drie zwarte gordels beeindigde : Mireille De Laet,
William Beck en Nicolas Cautals.
Na enkele jaren, benoemde hij William Beck als sensei met als opdracht de Jiu-Jitsu Club N-O-H te laten groeien.
|